J.M.W. Turner – Snow Storm: Hannibal and his Army Crossing the Alps

Wat: J.M.W. Turner – Snow Storm: Hannibal and his Army Crossing the Alps (1812)
Materiaal: Olieverf op doek
Waar: Tate, Londen

Na twee zelfportretten is het tijd voor iets heel anders: landschapsschilderkunst. Een normaal mens denkt meteen “Oh God, landschapsschilderkunst” en ergens klopt dat ook. Je hebt namelijk doorgaans verschillende gradaties in saaiheid als op het afbeelden van landschappen aankomt. Ik heb doorheen de jaren een reputatie opgebouwd als het op het emmeren over de juiste term voor natuurervaringen per landschapstype gaat. Door deze theoretische kennis weet ik ook dat pastoraal van alle landschapstypes waarschijnlijk het minst de hartslag in de hoogte zal jagen, letterlijk en figuurlijk.

En toch kan je landschapsschilderkunst ook verheffen tot iets boeiends en vooral iets met ontegensprekelijke esthetische kwaliteiten. De Britten waren daar zeer goed in en van alle Britten is William Turner (eigenlijk Joseph Mallord William Turner) waarschijnlijk de meest boeiende. Hoewel hij tot de Romantische periode behoort, zit er ook iets in dat doet denken aan latere (vroeg)modernistische kunst. Turner werkte vaak eerder met kleurrijke en abstractere vlakken en impressies om bepaalde zaken op te wekken.

Ik zag Turners werken voor het eerst in 2016 tijdens een citytrip naar Londen. Daar bleef mij vooral Snow Storm: Hannibal and his Army Crossing the Alps bij. Het werd voor het eerst tentoongesteld in 1812 en behoort dus tot het vroegere werk van Turner. Toch doet het best modern aan. Op de voorgrond worden Hannibals troepen aangevallen door een plaatselijke stam, de Salassi.

Maar het is vooral wat er op de achtergrond gebeurt wat interessant is. Hannibal, de man die de geschiedenisboeken haalde door zijn oversteek van de Alpen, wordt wel vermeld in de titel, maar krijgt geen prominente plek. Je weet als toeschouwer zelfs niet of hij wel degelijk wordt afgebeeld of niet. Het is een beredeneerde gok om te zeggen dat de kleine figuur met de olifant de grote Carthaagse generaal moet voorstellen.

Maar hier draait het dus om de moeilijkheden van zijn leger, door de aanval van de stam, maar vooral door de barre weersomstandigheden. We zien een lawine die naar beneden dendert aan de rechterkant. Maar het is vooral de dreigende zwarte stormwolk, die het miniatuurleger dreigt te verzwelgen, die de aandacht trekt en de teneur in dit schilderij zet. Zelfs de zon heeft moeite om door het gitzwarte te breken.

Turner verwijs met dit schilderij blijkbaar naar Bonaparte franchissant la Grand-Saint-Bernard van Jacques-Louis David. In dit schilderij ligt de focus geheel op de Franse generaal, zijn paard steigerend, Bonaparte heroïsch, zoals het hoort in de betere propaganda. Turner keert dit dus om door Hannibal klein af te beelden en de natuurlijke en menselijke obstakels prominent in beeld te brengen.

Je ziet wel allerlei zaken gebeuren, zeker op de voorgrond, maar Turner is hier vooral een meester in de suggestie. En hoewel dit schilderij zich in de traditie plaatst van zowel de landschapsschilderkunst als de historische schilderkunst is het toch met een eigen insteek. Je kan de dreiging duidelijk voelen, ook al wordt het nog vrij abstract afgebeeld. En daarmee zit je dus toch weer in de Romantiek, waar de natuur werd opgewaardeerd en de nietigheid van de mens werd getoond.

 

Geplaatst in Kunst | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Albums 2010: 10-1

10. Anna Calvi – Anna Calvi (2011)

Anna Calvi - Anna Calvi (2011, CD) | Discogs

De tweede notering van de Britse singer-songwriter. Met een stem vol gevoel en passie en een gitaarspel van hoogste klasse vulde ze haar debuutalbum probleemloos met een hele resem geweldige nummers. Calvi slaat en zalft, zoekt even de stilte op om dan nummers te laten ontploffen, zowel door haar muziek als met haar stem. Met Desire en Blackout kreeg ze aandacht van zowel het publiek als van enkele grote muzikanten. Hoewel ze in interviews eerder schuchter overkomt, transformeert ze via muziek in een zelfzekere en uitdagende femme fatale, met een enorme podiumpresence. Anna Calvis debuutalbum is puur vakmanschap, opzwepend, virtuoos en vol passie.

Hoogtepunten: Desire/ Suzanne and I/ I’ll Be Your Man/ Love Won’t Be Leaving

9. Queens of the Stone Age – …Like Clockwork (2013)

Like Clockwork, Queens Of The Stone Age – LP – Music Mania Records ...

Na 4 albums sinds 1998, bracht Queens of the Stone Age in de jaren 2010 maar twee albums uit. Dat had zo zijn redenen. Enerzijds was frontman Josh Homme weer bezig met heel wat zijprojecten, maar anderzijds was het ook niet zijn decennium. Nadat hij bijna op de operatietafel was gestorven, zonk hij weg in een groot zwart gat, waarbij muziek maken niet meer tot de mogelijkheden leek te behoren. Gered door een piano en enkele vrienden klauterde hij uit het dal. Het resultaat, ….Like Clockwork, is een geweldig album. Wel degelijk With a Little Help From His Friends, want naast graag gezien gast Dave Grohl, kreeg hij ook hulp van onder meer Alex Turner, Elton John en Trent Reznor. Like Clockwork is meestal donker, ook tekstueel, met het opzwepende Smooth Sailing als uitzondering. Een haast klassiek rockalbum.

Hoogtepunten: I Sat By The Ocean/ Smooth Sailing/ I Appear Missing/ … Like Clockwork

8. Arctic Monkeys – Tranquility Base Hotel & Casino (2018)

Image result for tranquility base hotel and casino

Misschien was het anders uitgedraaid en had hier nu Alex Turner – Tranquility Base Hotel & Casino gestaan, want de flamboyante frontman van Arctic Monkeys twijfelde aanvankelijk zelf of dit wel genoeg aanleunde bij het geluid van zijn band. Gitarist Jamie Cook overtuigde hem om samen naar gezamenlijke grond te zoeken, en die bevindt zich op de maan. Het Hotel & Casino is de aanleiding van Turner om tekstueel te meanderen over een uitgerangeerde artiest die optreedt in een burgerlijk hotel op een gekoloniseerde maan. Dichter bij maatschappijkritiek is Turner nog niet gekomen, maar hij doet het op zo een poëtische manier dat het niet prekerig wordt. Het zit ook vervat in vreemde stream of consciousnessachtige zijsprongen. Muzikaal zorgen de Monkeys voor een loungeretro die het in neonlicht badende futuristische hotel perfect tot leven brengt. Vanaf opener Star Treatment tot jolige meezinger The Ultracheese voert TBH&C je langs een soort van conceptalbum. Hoogtepunt is de Gainsbouresque titeltrack. Objectief gezien hoort AM hier hoger te staan, maar muzikaal gezien vind ik TBH&C veel interessanter.

Hoogtepunten: Star Treatment/ Tranquility Base Hotel & Casino/ Four out of Five/ The Ultracheese

7. Damon Albarn – Everyday Robots (2014)

Damon Albarn: Everyday Robots Album Review | Pitchfork

De derde notering in drie verschillende verschijningsvormingen. Na Gorillaz en Blur doet Albarn het op Everyday Robots op eigen kracht. Het album gaat enerzijds over moderne technologie, het onvermogen om te weten welke impact dit heeft op de mens, maar anderzijds is het ook een persoonlijk album, waarbij Albarn reflecteert over zijn eigen leven, hoogte- en dieptepunten en eenzaamheid. Naast het uitstekende tekstuele is het vooral de ongelofelijk mooie muziek die haast hypnotisch doorheen de meeste nummers stroomt. Hoewel Albarn het album samen met Richard Russell producete verschijnt Brian Eno ook op het album. Hoogtepunt is het geweldig mooie The Selfish Giant, waar Bat for Lashes haar opwachting maakt. Albarn mag waarschijnlijk meer aandacht hebben gekregen voor zijn werk met Gorillaz en Blur, maar het is met dit album dat hij mij het meest wist te charmeren tijdens de jaren 2010.

Hoogtepunt: Everyday Robots/ Hostiles/ The Selfish Giant/ Hollow Ponds

6. Marlon Williams – Make Way for Love (2018)

Image result for marlon williams make way for love

Af en toe passeert er een album, zo goed als uit het niets, dat je meteen weet te overtuigen. Williams schreef deze plaat na de breuk met Aldous Harding. Uiteengedreven door het leven van de reizende muzikant, doorbrak de breuk zijn writer’s block van twee jaar, waarna hij de nummers op Make way for love in een mum van tijd neerpende. Het doet bij wijlen denken aan Orbison of Isaac. What’s chasing you of het mijmerende Beautiful Dress zijn gedrenkt in galmende tristesse, Party Boy en I know a jeweller leunen meer aan bij de country van zijn eerste album. Een ander hoogtepunt van de plaat is het duet Nobody gets what they want anymore, voortgestuwd door enkele gitaarakkoorden, dat Williams samen met zijn ex Aldous Harding (die hem dus heeft geïnspireerd deze plaat te schrijven doordat hun relatie stuk is gegaan) zingt. Faut le faire, maar het zorgt wel voor oprechte en oprecht mooie muziek. En het is deze oprechtheid, samen met de geweldige stem van Marlon Williams,  die ervoor zorgt dat Make way for love geen ode of pastiche is, maar ondanks de associatie met bovenstaande artiesten wel een eigen gelaat en gevoel heeft.

Hoogtepunten: What’s Chasing You/ Beautiful Dress/ Love is a Terrible Thing/ Nobody Gets What They Want Anymore

5. Lana Del Rey – Norman Fucking Rockwell (2019)

Image result for Lana Del Rey nroman fuckin rockwell

Ondanks mijn zwak voor Lana Del Rey had ik bij al haar albums het gevoel dat ze zichzelf voorbij galoppeerde. Door een teveel aan nummers, een teveel aan vocale spielereien of soms net iets te weidse muzikale omkadering. Met Norman Fucking Rockwell (NFR voor het gemak) heeft ze voor mij eindelijk die perfecte plaat te pakken. De ingetogen productie, die tegelijk klassiek en fris klinkt, zorgt ervoor dat haar teksten en haar zang, gewoon oprechte, authentieke zang, kunnen schitteren. Hoewel de meeste nummers ingetogen zijn, met de piano in een hoofdrol, is er toch genoeg verscheidenheid. Daar waar California, How to Disappear of Bartender vintage Del Rey zijn, alleen in een meer pure vorm, zijn er heel wat nummers die ervoor zorgen dat ze op dit album een gigantische sprong voorwaarts maakt, zoals het zwoele melancholische Mariners Apartment Complex en The Greatest, wat, zo durf ik te beweren, niet enkel haar beste nummer ooit is, maar ook gewoon meteen in de top van de 2010’s schiet. Lana Del Rey overstijgt zichzelf en de popmuziek op NFR.

Hoogtepunten: Mariners Apartment Complex/ How to Disappear/ The Greatest/ Hope Is a Dangerous Thing for a Woman Like me to Have (but I Have it)

4. Danger Mouse & Daniele Luppi – Rome (2011)

bol.com | Rome, Danger Mouse & Daniele Luppi | CD (album) | Muziek

Danger Mouse is hier al een paar keer de revue gepasseerd als producer. Ditmaal staat hij zelf als artiest prominent in de spotlights. Samen met de Italiaanse componist Daniele Luppi maakte hij in 2011 een ode aan de Italiaanse filmmuziek, en kon hiervoor Jack White, Norah Jones en het Cantori Moderni van Alessandro Alessandroni. Het is een grote liefdesbrief geworden aan de Italiaanse cinema en de muziek, van meeslepende, grootse muziek zoals opener Theme of “Rome” tot funky en dreigende nummers als The Gambling Priest of Two Against One. Jack White is zeer genietbaar, maar het zijn vooral de nummers met Norah Jones en dan vooral Black en het enig mooie Season’s Trees die van de gezongen nummers er bovenuit steken. Een prachtig van een soundtrack voor een film die nooit werd gemaakt. Maar dat geeft je als luisteraar net de gelegenheid om zelf de scènes te bedenken. Fantastisch toch?

Hoogtepunten: Season’s Trees/ Roman Blue/ Black/ The Matador Has Fallen

3. Weyes Blood – Titanic Rising (2019)

WEYES BLOOD Titanic Rising vinyl at Juno Records.

Net zoals in 2018, toen ik al snel wist dat Marlon Williams mijn album van het jaar had geschreven, was ik ook in 2019 meteen verkocht bij het horen van dit album en kreeg mijn buikgevoel uiteindelijk gelijk. Titanic Rising van Weyes Blood lijkt, los van het op zweverige synths gebouwde Movies, recht uit de jaren 70 te komen, alleen maar versterkt door de verschijning van Natalie Mering, de vrouw achter het pseudoniem Weyes Blood. Merings stem is klassiek, tijdloos en betoverend mooi en hetzelfde kan gezegd worden van haar competities. Al vanaf A Lot’s Gonna Change word je in een bepaalde sfeer en atmosfeer gezogen, wat enkel versterkt wordt op het ijzersterke Andromeda. Weyes Blood klinkt op dit album vaak als de dochter van Joni Mitchell en George Harrison. Weyes Blood kiest voor zo’n warme, mooie en evenwichtige composities, geholpen door de productie van Jonathan Rado, dat het geen opsmuk is maar net deel uitmaakt van het fantastische muzikale geheel dat Titanic Rising is. En dus kan ik ieder enkel aanraden om even neer te zitten en met volle aandacht naar deze fantastisch mooie en oprechte parel te luisteren.

Hoogtepunt: A Lot’s Gonna Change/ Andromeda/ Movies/ Wild Time

2. Father John Misty – Pure Comedy (2017)

Father John Misty – Pure Comedy (): het lachen vergaan – Dansende ...

De derde Father John Misty, na I Love You, Honeybear en het persoonlijke God’s Favorite Customer. Op Pure Comedy neemt hij de hele mensheid en de condition humaine onder de loep. De conclusie is niet al te positief. Mensen liegen zichzelf voor en geven hun vrijheid weg. Laten zich in de luren leggen door entertainment, religie, het internet en vooral zichzelf. Het klinkt serieuzer op papier dan in de uitvoering van Tillman, die het allemaal met de nodige dosis humor, hoewel van de cynische soort, bekijkt. Het album is voor sommigen ongetwijfeld te lang en uitgesponnen. Dat geldt zeker voor het 13 minuten durende en repetitieve Leaving LA. Maar van bombastische opener Pure Comedy tot het ingetogen In Twenty Years of So zorgt Father John Misty voor een boeiende muzikale en tekstuele reis. Het valt te betwijfelen of hij zich ooit nog aan dit type plaat zal wagen, maar ik ben alvast blij met dit ene meesterwerk.

Hoogtepunten: Pure Comedy/ Things It Would Have Been Helpful to Know Before the Revolution/ When  the God of Love Returns There Will be Hell to Pay/ So I’m Growing Old on Magic Mountain

1. Tobias Jesso Jr. – Goon (2015)

packshot2

Mijn favoriete plaat van de jaren 2010 baadt evenzeer in de nostalgie van weleer, alleen tapt het uit een heel ander vaatje. Tobias Jesso Jr. doet het vooral met zijn piano en met ingetogen nummers. Geen blazers, violen, funky gitaren en opgezwollen baslijnen, maar stuk voor stuk steengoede songs die doen denken aan Billy Joel, Lennon & McCartney, Randy Newman en Elton John. Het zag er nochtans niet al te best uit toen Tobias Jesso Jr. in 2012 LA verliet. Zijn muzikale ambities waren gefnuikt, zijn relatie liep op de klippen, zijn moeder kreeg kanker en hijzelf werd van zijn sokken gereden. Jesso Jr. keerde terug naar Canada, maar de mislukkingen legde de basis voor Goon. Uiteindelijk lukte het toch. Goon is een consistent album, vol met Popmuziek met de grote p, authentieke nummers die verankerd liggen in een sound die verbonden is met de zachtere kant van de jaren 70, maar toch opvallend oprecht klinkt. De muziek heeft geen overbodige franjes nodig om te schitteren. How Could You babe of Without you klinken alsof ze al een decennium of vier tot het canon van de pianoballads behoren. Het album vormt dan wel een perfect geheel, de onderdelen zijn divers genoeg om te blijven bloeien. The Wait is opgewekt, Crocodile Tears is bluesy en Bad Words melancholisch. Hoogtepunt van het album is tevens mijn favoriete nummer van de jaren 2010. Op Hollywood zingt Tobias Jesso Jr. de frustratie van zich af, met afwisselend schaarse, kale strofen en een ingetogen opzwepend refrein. Goon is een bijzonder album, sfeervol, authentiek, puur en ontzettend mooi.

Hoogtepunt: How Could You Babe/ Without You/ Hollywood/ Leaving La

Geplaatst in Album top 10, Hersenspinsels, muziek | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Albums 2010: 20-11

20. Father John Misty – God’s Favorite Customer (2018)

Father John Misty - God's favorite customer | Radio 1

Op zijn vierde album, God’s Favorite Customer, dat maar een jaar na Pure Comedy uitkwam, fileert Tillman vooral zichzelf en, zo doen de teksten vermoeden, de diepe crisis waarin hij zich tijdens het schrijven van de plaat begon. De productie is kraakhelder, de melodieën zijn sterk en melancholisch en de teksten en stem van Tillman zijn ontegensprekelijk top.  Mr. Tillman is tragikomisch, Disappointing diamonds are the rarest of them all geeft een ironische kijk op liefde, terwijl hij zich in Please Don’t Die verplaatst in zijn vrouw, die bang afwacht tot hij een teken van leven geeft. Op dit album geeft hij misschien voor het eerst in 4 albums een blik op de echte man achter het pseudoniem. Dit keer heeft Tillman minder dan 40 minuten nodig om zijn verhaal te vertellen. Het komt de kwaliteit en de aandachtsspanne enkel ten goede.

Hoogtepunt: Please Don’t Die/ Disappointing Diamonds are the Rarest of them All/ God’s Favorite Customer/ People, We’re Only People (And There’s Not Much Anyone Can Do About That)

19. Charlotte Gainsbourg – Rest (2017)

Charlotte Gainsbourg: Rest Album Review | Pitchfork

Met haar eerste album in 6 jaar gooide Charlotte Gainsbourg hoge ogen en ontgroeide ze op muzikaal vlak meer dan ooit de status als dochter van. Rest is een sfeervol album, waarbij Gainsbourgs hypnotiserende stem wordt ondersteund door elektronische klanken en synths. De thematiek is somber en handelt onder andere over de dood van vader Serge en halfzus Kate Barry. Het is niet toevallig dat de muziek vaak donker en melancholisch klinkt, zelfs op het opzwepende en magnifieke dansnummer Deadly Valentine. Soms haalt ze hoge tonen, soms fluistert ze de luisteraar toe, wisselend tussen het Frans en Engels. Maar haar vijfde studioalbum is een intrigerend en intiem geheel, waar Gainsbourg ook een boeiende liveshow aan wist te koppelen.

Hoogtepunten: Kate/ Deadly Valentine/ I’m a Lie/ Sylvia Says

18. Eefje de Visser – Het is (2013)

Het is | Eefje de Visser

Eefje de Visser heeft zich de voorbije jaren opgeworpen als een van de meest gekende en geliefde Nederlandse artiesten in België. De link met ons land is dan ook niet gering. Ze woont en schrijft muziek in Gent en werd nog populairder door haar duet met Bazart. Maar voor haar definitieve doorbraak had ze in 2013 al een prachtig album geschreven met Het Is. De Visser is iemand die mooie teksten schrijft en deze zo op muziek puzzelt dat zinnen worden afgekapt, op een eigenzinnig en eigenwijs metrum. Op latere albums zou ze kiezen voor meer synths, maar hier is ze hoofdzakelijk gewapend met een akoestische gitaar en een prachtige stem. De Visser is de enige Nd, maar dat ligt geheel aan het feit dat ik meestal niet zo gecharmeerd ben door Nederlandstalige muziek. Eefje de Visser is echter zowel muzikaal als tekstueel een boeiende singersongwriter en Het is blijf voor mij haar perfecte (herfst)album.

Hoogtepunten: Ongeveer/ De Bedoeling/ En/ Schip

17. Arcade Fire – The Suburbs (2010)

The Suburbs, Arcade Fire – LP – Music Mania Records – Ghent

Arcade Fire zal door velen geassocieerd worden met de jaren ’00 waarin ze met Funeral een van de meest indrukwekkende debuutalbums sinds lang schreven. Die sturm und drang zetten ze verder op opvolger Neon Bible. The Suburbs behoudt het vaste stramien van een overkoepelend thema, ditmaal over het leven, de liefde, de zoektocht in en de leegte van de typische Amerikaanse suburbs. Arcade Fire, altijd al niet vies geweest van het grote gebaar, gaat hier muzikaal misschien meer naar het klassieke rockalbum, maar behoudt de pathos en eigenzinnigheid. Zoals zoveel andere bands zouden ze op opvolger Reflektor meer gebruik maken van synths, maar anders dan op het latere werk kunnen ze hier de hele tijd een hoog niveau aanhouden, ondanks het feit dat het album meer dan een uur duurt. Voor mij is dit een album dat het label ‘moderne klassieker’ verdient.

Hoogtepunten: Ready to Start/ Empty Room/ Deep Blue/ Sprawl II (Mountains Beyond Mountains)

16. The Magnetic North – Orkney: Symphony of the Magnetic North (2012)

Orkney: Symphony Of The Magnetic North | Discogs

The Magnetic North is een gelegenheidsgroep bestaande uit Hannah Peel, Erland Cooper en Simon Tong. Op deze eerste plaat verkennen ze samen de Orkneys, de eilandengroep boven Schotland waar Erland Cooper opgroeide. De sterkte van dit album is dat het de zoektocht naar het leven, de geografie en de legendes van de Orkneys perfect weet te vatten met de muziek, vooral vanwege de muzikale arrangementen van Hannah Peel. Cooper en Peel wisselen soms de vocals af, maar het is vooral de samenzang die geslaagd is. Elk nummer is vernoemd naar een plek op de Orkneys. Hoewel de kern van de nummers refereren naar folk is het geheel gevarieerd, mysterieus en geheel volgens de Orkneys zelf, soms desolaat, soms somber, maar heel erg vaak adembenemend mooi.

Hoogtepunten: Bay of Skaill/ Rackwick/ Nethertons Teeth/ Ward Hill

15. Other Lives – Tamer Animals (2011)

Other Lives - Tamer Animals (2011) - MusicMeter.nl

Met Tamer Animals van Other Lives blijven we iet of wat in dezelfde muzikale sferen, hoewel dit een Amerikaanse band is. De folkrock is hier echter grootser en filmisch, terwijl zanger Jesse Tabish een beetje klinkt als een melodieuze Thom Yorke. Misschien is de term Americana hier nog net iets geschikter. De klassieke bezetting wordt vaak aangevuld door onder andere trompetten en violen. Elk nummer op dit album werd zorgvuldig opgebouwd en bij elke luisterbeurt wordt er wel een nieuw laagje ontdekt. En met de titeltrack schreven ze voor mij eveneens een van dé nummers van de jaren 2010, alsof The National en Fleet Foxes een enig mooi liefdeskind hebben gemaakt. Een fantastisch mooi en ondergewaardeerd album!

Hoogtepunten:  For 12/ Tamer Animals/ Dust Bowl III/ Landforms

14. Meilyr Jones – 2013 (2016)

2013 | Meilyr Jones

 Na het uiteenvallen van zijn band Race Horses beslist de Welshe jongeling Adrian Meilyr Jones in 2013 om de heimat te verlaten en een tijdje naar Rome te gaan, om zich volledig te herbronnen. De kiem van dit album, dat uiteindelijk drie jaar later zou worden uitgebracht, werd daar gelegd. En het ademt op elke mogelijke manier een soort Romantische zoektocht uit. Het stilleven op de cover, de muzikale vormgeving (de klassiek geschoolde Jones gebruikt een hele resem instrumenten en geregeld een orkest of ensemble) en vooral de teksten. Voor de liefhebber van klassiek is het mogelijks te rechtlijnig, voor liefhebbers van popmuziek mogelijks te klassiek. Maar het is een authentiek egodocument, een moderne vertaling van de Romantische gedachte dat omgeving en ziel corresponderen en dat woord en muziek als geen ander dienen om deze woelige strijd te vereeuwigen.

Hoogtepunten: How to Recognise A Work of Art/  Refugees/ Return to Life/ Featured Artist

13. MGMT – Congratulations (2010)

bol.com | Congratulations, MGMT | CD (album) | Muziek

MGMT is nog zo’n band waar velen van gaan vinden dat ze na hun debuutalbum niet veel meer hebben uitgestoken. Zeker het derde album was commerciële zelfmoord, waarbij de coherentie van de nummers op de achtergrond verdween. Maar ik sta ervoor gekend om een liefhebber te zijn van hun tweede album, voor mij een veel interessanter album dan Oracular Spectacular. De cover is zeer toepasselijk voor wat je muzikaal kunt verwachten, een soort psychedelische surfrock. Het gaat Andrew VanWyngaarden en Ben Goldwasser hier minder om hippe, aanstekelijke muziek, maar vooral voor speelvreugde. Het middenstuk Siberian Breaks is dan weer een indrukwekkende 13-minuten durende mozaïek van ideeën en genres. Het toont dat het duo erg goede muzikanten zijn, die vooral hun eigen zin doen.

MGMT: It’s Working/ Flash Delirium/ Siberian Breaks/ Congratulations

12. Alexandra Savior – Belladonna of Sadness (2017)

Alexandra Savior Belladonna of Sadness - Le Soir Plus

Het is niet iedereen gegeven om op je debuutalbum te mogen werken met Alex Turner en James Ford. Turners protégé weet met Balladonna of Sadness een plaat af te leveren waarbij de retrosound zowaar beter tot z’n recht komt dan op de tweede van The Last Shadow Puppets, dat in 2016 uitkwam. Dit komt vooral door Savior zelf, die soms hopeloos nostalgisch, zoals in de ballad Girlie, soms ontzettend letargisch, zoals zoals in het donkere Mystery Girl, klinkt. De hand van Turner mag dan wel duidelijk zijn, de zangeres is het magische ingrediënt dat het geheel de juiste sfeer meegeeft. In sommige opzichten lijkt het een moderne, donkere update van het sjabloon Lee Hazlewood – Nancy Sinatra. Maar het stemgeluid en de performance deden toen al geloven dat Savior ook zonder Turner in staat is om muzikaal te toveren. Iets wat ze dit jaar met The Archer toonde.

Hoogtepunten: Mirage/ Girlie/ M.T.M.E./ Mystery Girl

11. Michael Kiwanuka – Love & Hate (2016)

bol.com | Love & Hate, Michael Kiwanuka | CD (album) | Muziek

Na het succesvolle debuut iHome Again moest Kiwanuka even zwoegen aan de zogezegde moeilijke tweede. Hiervoor besliste hij samen te werken met de succesvolle producer Danger Mouse, wiens handelsmerk bestaat uit dikke bassen, prominente percussie en her en der een spaghetti western-koortje. Op dit moment is er naast de soul ook meer ruimte voor de gitaar, zoals op opener Cold Little Heart. De soul van het vorige album is wel aanwezig, zoals op single Black man in a White World, Place I belong of Rule The World. Maar er zit meer variatie in de nummers, en de muzikale omkadering en backing vocals zorgen voor een extra dimensie, een verdienste van Danger Mouse. Kiwanuka beschikt ook over een geweldig mooie stem. Hoewel ook dit album een melancholische ondertoon kent, straalt er veel liefde van uit, en dan vooral de liefde voor muziek.

 

 

Geplaatst in muziek | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Albums 2010: 30-21

30. Vampire Weekend – Father of the Bride (2019)

Vampire Weekend - Father of the Bride

Met Contra en Modern Vampires of the City schreef Vampire Weekend, de band rond Ezra Koenig, nog twee albums die de jaren 2010 mee kleurden, maar na 6 jaar afwezigheid was Father of the Bride wel een knappe terugkeer. Net als andere albums die de revue al passeerden is het een enorm eclectisch album, dat als geheel misschien minder consistent is, maar net door de gevarieerd heel wat te bieden heeft. Van zuivere country tot jazz tot Beatlesque ballads tot de meer gebruikelijke nummers die refereren aan wereldmuziek. Met hulp van onder meer Danielle Haim, Mark Ronson en Steve Lacy slaagt Vampire Weekend er in om op een album dat meer dan een uur duurt toch de aandacht te houden. En met Harmony Hall schreef Koenig ongetwijfeld een van de beste nummers van de jaren 2010.

Hoogtepunten: Harmony Hall/ Big Blue/ My Mistake/ Sympathy

29. Arctic Monkeys – AM (2013)

Arctic Monkeys - 'AM' review

Ja, ik houd van Alex Turner. In al zijn verschijningsvormen. The tweede van The Last Shadow Puppets haalde net de top 50 niet en zijn geweldige Submarine EP heb ik uitgesloten omdat het een EP was. Met AM maakten ze een klassieker die hen ook de nodige naambekendheid gaf in de VS. Turner, die voor AM al meermaals bewees wat voor een vernuftig songschrijver hij wel was, greep hier terug naar pure rock, wat ook terugkwam in de look waar hij tijdens de tour voor koos. Als rocker met leren jas en gel in de haren gaat hij hier samen met zijn band te keer, zoals op R U Mine? of Arabella. Maar die Rock ’n Roll wordt gecombineerd met een enorme flair en catchiness, mede vanwege de liefde voor hiphop. Het is die combinatie die van AM een toegankelijk en gesmaakt album maakt.

Hoogtepunten: Do I Wanna Know?/ R U Mine?/ Knee Socks/ I Wanna Be Yours

28. Blur – The Magic Whip (2015)

Weinigen die het hadden vermoed, maar Blur had na zoveel jaar een geweldig album in zich, mét Graham Coxon. The Magic Whip is een album dat het beste van Blur mixt met het beste van de solo-carrières van Coxon en vooral Albarn. Lonesome Street is een nummer dat niet had misstaan in de hoogdagen van de Britpop, maar bijvoorbeeld Terracotta Heart lijkt dan weer van Everyday Robots, het solo-album van Albarn te komen. Ice Cream Man doet invloed van Gorillaz vermoeden. Maar het is meer dan louter copy-paste. Ondanks de verschillende invloeden is The Magic Whip een consistent album geworden, en evenzeer een zoektocht naar het nieuwe. Hoogtepunt is Thought I was a Spaceman, dat in het rijke oeuvre van de band een topplaats mag ambiëren. 12 jaar na Think Thank toont Blur dat tijd de wonden heelt, maar de creativiteit zeker niet doodt.

Hoogtepunten: Lonesome Street/ Though I was a Spaceman/ My Terracotta Heart/ Pyongyang

27. Sam Lee & Friends – The Fade in Time (2015)

Sam Lee & Friends - The Fade In Time | Releases | Discogs

Sam Lee is een bard en een muziekhistoricus. Hij verdiepte zich in de muzikale traditie van de Travellers, de zigeuners op de Britse eilanden, en op sleeptouw genomen door een van hen, ontdekte hij een oeuvre dat van generatie op generatie wordt overgeleverd,. Wat het werk van Sam Lee des te opmerkelijk maakt, is dat hij zijn liefde voor de nummers en de gemeenschap toont door er bewust van af te wijken. Zo worden er instrumenten van over de hele wereld gebruikt en krijgt elk nummer een geheel eigen interpretatie mee. The Fade in Time is een muzikale ontdekkingstocht, van het broeierige Jonny O’the Brine, naar het melancholische Lord Gregory en van het opzwepende Willie O naar het enkel door een koor begeleide Lovely Molly. Lee benadert de liederen met dezelfde vrijheid als de Travellers en wordt niet voor niets een belangrijke vernieuwer in de folkwereld genoemd.

Hoogtepunten: Jonny O’The Brine/ Blackbird/ Phoenix Island/ Lovely Molly

26. Lucy Dacus – Historian (2018)

LUCY DACUS - Historian (2018) - Stars Are Underground

Een album dat Historian heet, verdient al sowieso aandacht en appreciatie. Maar het wordt helemaal goed wanneer je de 10 nummers op de plaat hoort. Op deze tweede worp van Lucy Dacus, een 23-jarige singer-songwriter uit Virginia worden de nodige frustraties over het leven en de liefde van zich afgeschreven, soms met oog voor de tragiek, soms op tragikomische wijze, zoals op de geweldige opener Night Shift. Dacus combineert volwassen en interessante teksten met melodische rock, waarbij de gitaren soms al eens kunnen ontploffen. Er zit veel variatie in, zowel in de nummers zelf als tussen de nummers onderling. Ook als de gaspedaal even wordt losgelaten, zoals op Nonbeliever of Yours & Mine, blijft het boeien, door de verhalende teksten en de mooie, unieke zangstem van Dacus. Het wordt nergens nieuw of experimenteel, maar Dacus demonstreert op jonge leeftijd wat voor een geweldige en eigen songsmid ze al is.

Hoogtepunten: Night Shift/ Nonbeliever/ Yours & Mine/ Pillar of Truth

 

25. Warhaus – Warhaus (2017)

Warhaus | Warhaus

Met We fucked a flame into being maakte Maarten Devoldere al een eerste solo-album dat ik zeer hard kon appreciëren. Een jaar later deed hij dat losjes over. Zijn debuutalbum was sferisch en donker, maar niet alle nummers pasten binnen het geheel. Daar is hij met zijn tweede wel in geslaagd. De nummers vormen samen opnieuw een verleidelijk en melancholisch verhaal, terwijl Devoldere duidelijk ervaring heeft opgedaan met het maken van zijn eerste album. Als luisteraar word je van opener Mad World tot Fall in love with me in de sfeer gezogen. De referenties zijn nog steeds Cohen, Gainsbourg en Waits, maar Warhaus heeft vooral een eigen meeslepende sound gemaakt, in die mate dat ik deze selftitled hoger plaats dan het beste van Balthazar. Hoewel nu zijn ex-muze is de inbreng van Sylvie Kreusch de kers op de taart.

Hoogtepunten: Love’s a Stranger/ Control/ Kreusch/ Fall in Love With Me

24. Foxygen – We are the 21st Century Ambassadors of Peace and Magic (2012)

Foxygen: We Are the 21st Century Ambassadors of Peace & Magic ...

Jonathan Rado & Sam France maakten al als puistige pubers samen muziek die al even experimenteel als eclectisch was. Op debuutalbum We Are the 21st Century Ambassadors of Peace & Magic klinken ze waarschijnlijk frisser en coherenter dan ooit. Niet dat ze hier het warm water uitvinden. De muziek is een grote referentie naar de jaren ’60, van The Rolling Stones tot The Doors, maar er wordt wel iets moois mee gedaan. Hoewel het duo zich hier ook niet al te serieus neemt, is het wel oprechter dan het latere werk, bestaande uit een psychedelisch conceptalbum en later nog jaren ’70 en ’80 pastiche. Feit blijft dat het beide wel getalenteerde muzikanten zijn. Rado zou zich tegen het einde van de jaren 2010 ontpoppen tot een veelgevraagd producer (waarover later ook meer). Maar met dit album heeft hij ook als artiest zijn strepen verdiend.

Hoogtepunten: On Blue Mountain/ San Francisco/ Shuggie/ We are the 21st Century Ambassadors of Peace and Magic

23. The National – High Violet (2010)

NATIONAL - High Violet - Amazon.com Music

The National is een band die doorheen de jaren de eigen sound zo geperfectioneerd heeft dat ze aan de funderingen nooit meer te veel hebben veranderd. Dat maakt dat de albums na High Violet mij net iets minder konden bekoren. Want het is op dit album, waarschijnlijk ook hun ‘doorbraakplaat’ bij het grote publiek, dat ze op hun best zijn. Veel is te danken aan de stem van Matt Berninger, die, om het met een cliché te zeggen, zelfs een telefoonboek mooi zou kunnen laten klinken. Maar natuurlijk zijn de nummers op zich gewoon fantastisch. Bloodbuzz Ohio is waarschijnlijk het bekendste, maar voor mij is England een van de mooiste nummers die in de jaren 2010 werd geschreven. Het vat voor mij High Violet mooi samen. Schoonheid en doorleefdheid. The National zullen nooit tafelspringers zijn, maar blinken uit in een bepaald type van authentieke muziek dat recht naar het hart gaat.

Hoogtepunten: Afraid of Everyone/ Bloodbuzz Ohio/ England/ Vanderlyle Crybaby Geeks

22. Interpol – El Pintor (2014)

INTERPOL - El Pintor - Amazon.com Music

Voor heel wat mensen was Interpol vanaf 2010 dood en begraven. Heel wat onder hen linkte dit met het vertrek van de flamboyante bassist Carlos D. Maar het was net hij die op hun vierde album mee de band richting een filmische sound met veel meer muzikale ballast had gevoerd. Op El Pintor gaat het drietal terug naar de roots, zonder hun sound van Antics te willen kopiëren. Paul Banks blijft een van mijn favoriete zangers en Daniel Spengler heeft op dit album zijn vermogen om puntige, meeslepende riffs te toveren teruggevonden. My Desire, Tidal Wave en Breaker 1 zijn nummers die zo bij het beste van hun vroege albums kan gezet worden. 12 jaar na Turn on the Bright Lights bewees een nieuw en uitgedund Interpol dat de magie nog niet weg was.

Hoogtepunten: My Desire/ Anywhere/ Breaker 1/ Tidal Wave

21. Aldous Harding – Designer (2019)

Aldous Harding - Designer | Alternative | Written in Music

Aldous Harding is geen standaard singer-songwriter. De Nieuw-Zeelandse gebruikt haar stem als instrument en vervormt het naargelang de toon en de boodschap van het nummer. Dat is op Designer misschien ietsje minder het geval dan op haar vorige albums, maar toch is het soms wennen. En toch neemt ze je makkelijk mee in haar donkere popfolk. Harding is puur en onversneden en zeer enigmatisch. Kijk maar naar de clip van The Barrel, haast Lynchiaans qua unheimlichkeit. Maar de muziek is vaak enig mooi, zoals op het zalvende Treasure. De meeste nummers zijn akoestisch en dienen vooral de zingende vertelstijl van de zangeres te ondersteunen. Soms is het heel minimalistisch zoals op Heaven is Empty, soms zit er meer een bandgevoel achter zoals op opener Fixture Picture of het reeds vermelde The Barrel. Maar in de 10 nummers van Designer herbevestigt Aldous Harding zich als een bijzondere en unieke stem (letterlijk en figuurlijk) in het hedendaags singer-songwritergezelschap.

Hoogtepunt: Designer/ Treasure/ The Barrel/ Weight of the Planets

 

Geplaatst in Album top 10, muziek | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Albums 2010: 40-31

40. Gwenno – Le Kov (2018)

bol.com | Le Kov, Gwenno | LP (album) | Muziek

Gwenno, een Welshe, bracht in 2014 haar debuutalbum genaamd Y Dydd Olaf uit, volledig in haar thuistal gezongen. Met Le Kov gaat ze nog een stap verder en kiest ze voor het Cornish. Dit wordt nog vloeiend gesproken door een 700-tal mensen, waaronder haar vader Tim Saunders, een dichter die ook het Cornish gebruikt, en de zangeres zelf. Gwenno kiest voor een elektronisch geluid, dat vanwege de productie een zweverige, haast psychedelische toets krijgt. Ideaal om de luisteraar mee te nemen voor deze moderne, intrigerende inkijk in een oude taal. Tir Ha Mor of Eus Keus? (Is er kaas, blijkbaar een zegswijze in Cornwall) zijn, los van de taal, catchy nummers. Andere nummers zijn muzikaal iets meanderend, maar nemen je, in combinatie met de oude taal, mee in een heel bijzonder universum. Gwenno scoort in ieder geval met dit eigenzinnige album.

Hoogtepunt: Hi a Skoellyas LIV a Dhagrow/ Tir Ha Mor/ Herdhya/ Koweth Ker

39. Foals – Holy Fire (2013)

Foals - 'Holy Fire' **** | De Morgen

De eerste twee albums worden soms wel eens gelinkt aan math rock, een semantisch hokje dat wordt gebruikt voor het type rockmuziek dat al eens graag uitpakt met een iets complexere structuur, ritmewisselingen en veel variatie binnen een nummer. Holy Fire is dan weer gewoon een heel goed rockalbum, met af en toe bovenstaande elementen die Foals toch niet een klein beetje een eigen smoel geven. Dat doet ook frontman Yannis Philippakis, met zijn herkenbare stem en zijn oerschreeuw. Live gaat de kleine geblokte graag helemaal los, maar de energie weet Foals ook op Holy Fire te brengen. Met het opzwepende My Number schreven ze waarschijnlijk hun grootste hit en met Inhaler hun luidste nummer tot dan.

Hoogtepunten: Inhaler/ My Number/ Everytime/ Milk & Black Spiders

38. Anna Calvi – Hunter (2018)

Anna Calvi verovert gendervrije zieltjes op 'Hunter' - Indiestyle

Calvi werd ten tijde van haar debuut door heel wat grote namen omarmd. Bowie, Reed, Eno en Nick Cave waren fans. Op de opvolger was Calvi echter zoekende, waardoor ze (onterecht) op de achtergrond verdween. Met Hunter, haar derde album, kwam ze echter strijdlustiger dan ooit terug. De muziek is scherp en boeiend, soms melancholisch en melodramatisch, zoals op Swimming Pool of het minimalistische Away, soms bombastisch, met gierende gitaren zoals op Indies or Paradise en Chain. Anna Calvi sloopt de muren van haar vrouwzijn, zowel vanuit haar geaardheid als vanuit haar positie als rockartieste in een mannenwereld. Ze speelt met rollen en posities, en verpakt dit in boeiende muziek, waarin opnieuw haar ongelofelijke stem de hoofdrol speelt. Als David Bowie, Lou Reed, Nick Cave & Brian Eno het zeggen, wie zijn wij dan om Anna Calvi niet eindelijk eens naar waarde te schatten?

Hoogtepunt: As a Man/ Swimming Pool/Chain/ Eden

37. Balthazar – Fever (2019)

Balthazar – Fever (): Een sfeervolle koortsdroom vol frisse ideeën ...

Na enkele solo-projecten kwam Balthazar samen om zichzelf na drie albums waarin ze hun gekend sound wisten te perfectioneren licht heruit te vinden. Thin Walls, hun vorige album, was zeker niet slecht, maar was vooral een zeer goede herhalingsoefening, zoals The National dat bijvoorbeeld al jaren perfectioneert. Hier is eindelijk een nieuw geluid, met meer speelplezier ook. De muziek is dansbaarder, terwijl de basiselementen, waaronder de prominente plek van percussie en vooral bas behouden blijven. De productiviteit van Maarten Devoldere en Jinte Deprez tijdens de jaren 2010 was indrukwekkend, maar met Fever hebben ze met hun gezamenlijk vlaggenschip Balthazar alvast hun beste album gemaakt.

Hoogtepunt: Fever/ Changes/ Wrong Vibration/ You’re so Real

36. David Bowie – Blackstar (2016)

Album van de Week: David Bowie - Blackstar | Studio Brussel

Het in 2013 uitgekomen The Next Day was al een knappe terugkeer van David Bowie, maar was nog eerder een teruggrijpen naar eerder werk. Met Blackstar werd het platgetreden pad opnieuw verlaten door een van de meest originele en gevarieerde artiesten van de moderne muziekgeschiedenis. Wat Blackstar echter vooral speciaal maakt is het feit dat het uitkwam vlak voor David Bowie overleed, waardoor het een bijzondere betekenis kreeg. Sommigen zagen er zelfs een kroniek van een aangekondigde dood in. Wat er ook van aan is, Bowies laatste album tijdens zijn leven is gewaagd en muzikaal erg interessant, met de titeltrack die als opener meteen de toon zet. Het is jazzy met weerhaken, soms dreigend, soms ontroerend en zelfs los van de koppeling aan zijn dood een meer dan fantastisch aanvulling van een indrukwekkend muzikaal levenswerk.

Hoogtepunt: Blackstar/ Lazarus/ Dollar Days

35. The Black Keys – Turn Blue (2014)

The Black Keys – Turn Blue: dansbare pijn - Indiestyle

The Black Keys kenden in de jaren 2010 een groot succes met eerst Brothers en daarna El Camino, waarmee ze met Lonely Boy een enorme hit te pakken hadden. Maar opvolger Turn Blue was veel interessanter. Het uitgesponnen Weight of Love maakt al meteen duidelijk dat de band de puntige bluesrock uitbreidde voor een iets rijker pallet aan klanken. Meer nog dan op de voorganger drukte producer Danger Mouse (mensen die mij goed kennen, weten dat ik een fanboy ben) zijn stempel op het album, met een sappig basgeluid, galmende synths, subtiele instrumentale begeleiding en af en toe een welgemikt koortje of blazersectie. Zanger Dan Auerbachs stem blijft eveneens zeer herkenbaar. Brothers en El Camino mogen dan wel succesvoller onthaald zijn, maar Turn Blue is een sfeervol bluesrockalbum waarbij het duo nieuwe horizonten verkent.

Hoogtepunt: Weight of Love/ In Time/10 Lovers/ In Our Prime

34. Phoebe Bridgers – Stranger in the Alps (2017)

Phoebe Bridgers - Stranger In The Alps | Alternative | Written in ...

Op plaats 34 nog eens een debuutalbum. Phoebe Bridgers is een Amerikaanse singer-songwriter met een ongelofelijk mooie stem (of dat vind ik toch alvast). Hierdoor word je als luisteraar meteen in de melancholische sfeer gezogen. Leeftijd mag niet echt een rol spelen, maar dat Bridgers dit mature album op haar 23ste maakte is toch knap. Het is weemoedig, maar zonder grim te worden. Integendeel. En dat is geen vanzelfsprekendheid in een muzikaal segment waar de laatste jaren heel wat talent is opgedoken. Het is niet toevallig dat ze in 2018 met Julien Baker en Lucy Dacus nog gelegenheidsgroep Boygenius oprichtte. Het is niet dat Bridgers op Stranger in the Alps veel vernieuwing brengt, maar ze brengt het gekende met heel veel authenticiteit.

Hoogtepunt: Smoke Signals/ Motion Sickness/ Funeral/ Scott Screet

33. Ought – More Than Any Other Day (2014)

Ought – More Than Any Other Day: een generatie onder stroom ...

Bij Foals maakte ik al even melding van math rock. Postpunk is nog zo’n term die te pas en te onpas wordt gebruikt. Zo ook voor de Canadese heren van Ought. Wat het genre ook is, debuutalbum More Than Any Other Day is doordrenkt van wispelturige Sturm und Drang, een moderne, gejaagde versie van Talking Heads. Heerlijk rommelig, soms chaotisch en een zang van Tim Darcy vol pathos, waar je waarschijnlijk ook voor of tegen moet zijn. Today More Than Any Other Day is het nummer dat al deze elementen waarschijnlijk nog het meest bevat, met een rustig begin, een tempoversnelling en dan een brok chaotisch enthousiasme. Ought bracht daarna nog twee zeer goede albums uit, maar persoonlijk vind ik debuutalbums vaak leuk vanwege de onbevangenheid.

Hoogtepunten: Pleasant Heart/ Today More Than Any Other Day/ The Weather Song/ Gemini

32. Father John Misty – I Love You, Honeybear (2015)

bol.com | I Love You Honeybear, Father John Misty | CD (album ...

Ha, Josh Tillman, de Amerikaanse singer-songwriter die mijn albumtop zal domineren. Nadat hij onder J. Tillman een hele resem folkalbums uitbracht en vooral als drummer van Fleet Foxes opviel, besloot hij het in 2012 met Fear Fun over een andere boeg te gooien. Daar was Father John Misty, een sarcastisch alter ego die met heel wat misprijzen en relativering naar zichzelf en de wereld kijkt. Op I Love You, Honeybear neemt hij de liefde en zijn kersvers huwelijk onder de loep. Muzikaal nog een stap verwijderd van zijn oorspronkelijke folkrock ontplot Father John Misty zich meer en meer tot een eigenwijze en unieke artiest, die treffende observaties combineert met humor en af en toe heel veel schoonheid. En met het geweldige Bored in the USA maakt  hij ook meteen een bruggetje naar zijn maatschappijkritische opvolger Pure Comedy (die al dan niet er nog zit aan te komen, wink wink)

Hoogtepunten: I Love You Honeybear/ The Night Josh Tillman Came to Our Apt./ Bored in the USA/ Holy Shit

31. The War on Drugs – Lost in the Dream (2014)

The War on Drugs - 'Lost in the Dream' **** | De Morgen

Volgens sommige is het niet meer dan een Bruce Springsteen-, Bob Dylan- of Dire Straitsachtig geneuzel, maar met doorbraakplaat Lost in the Dream kon The War on Drugs mij ten zeerste bekoren. Hoewel ik als jongeling misschien nog net iets meer gecharmeerd kon worden door lang uitgesponnen nummers met eindeloos meanderende gitaarpartijen, is het zorgvuldige puzzelwerk van Adam Granduciel echt wel de moeite waard. Alleen al de combinatie van opener Under the Pressure en Red Eyes is de uitroep “how, een classic in wording” waard! Het is voor velen waarschijnlijk net het afgemeten ‘vakmanschap’, de manier waarop aan elk geluidje evenveel aandacht werd besteed, dat de muziek van The War on Drugs een tikkeltje klinisch maakt. Maar het is een Gitaarplaat met hoofdletter plaat en een van de weinige die mij in de jaren 2010 echt nog kon overtuigen. De magie was voor mij op opvolger A Deeper Understanding al wat uitgewerkt, maar dit album mag wat mij betreft over een jaar of vijf gehonoreerd worden als moderne klassieker.

Hoogtepunten: Under the Pressure/ Red Eyes/ An Ocean in Between the Waves/ In Reverse

Geplaatst in Album top 10, muziek | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Albums 2010: 50-41

50. Jarvis Cocker & Chilly Gonzales – Room 29 (2017)

Doorheen de jaren 2010 schreef pianist en producer Chilly Gonzales, het pseudoniem van Jason Charles Beck, onder andere muziek voor Drake en Daft Punk, terwijl hij af en toe zelf ook achter de piano kroop. Jarvis Cocker, de ex-frontman van Pulp, was dan aan het begin van het decennium even bezig met de Pulp-reünie, maar was verder eerder afwezig. Tot de twee samenwerkten op Room 29, een liedcyclus dat gaat over een hotelkamer in het befaamde Chateau Marmont in Hollywood en tijdens het gouden tijdperk van het centrum van de Amerikaanse filmwereld. Meestal begeleid door de ingetogen pianoklanken van Gonzales voert Cocker de luisteraar met zijn teksten naar de soms tragische, soms decadente levens van de bewoners en de schone schijn van het (oude) Hollywood.

Hoogtepunten: Tearjerker/ Clara/ Salomé/ The Other Side

49. Shame – Songs of Praise (2018)

Shame: Songs of Praise Album Review | Pitchfork

Met een albumtitel die verwijst naar een christelijk geïnspireerd programma op de BBC en een albumcover die doet denken aan Pet Sounds leverden het vijftal van Shame een zeer gesmaakt debuutalbum af. Op het podium gaat zanger Charlie Steen vaak als een bezetene te keer, maar de energie die de band live weet op te wekken, komt ook goed over op dit album. De postpunk is soms snedig, maar vaak even melodieus. Loepzuiver is de zang niet, maar dat is dankzij het spelplezier eerder een detail. Shame vindt de muziek op dit album niet opnieuw uit, maar grijpt terug naar een tijdperk van ronkende, echoënde gitaren en snedige, kritische teksten. Het is wachten op hun tweede album, maar met hun eerste worp verdienen ze alvast een plek in mijn top 50.

Hoogtepunten: Dust on Trail/ Concrete/ Tasteless/ Angie

48. Girl Ray – Earl Grey (2017)

Girl Ray - Earl Grey - Les Oreilles Curieuses

Ja, opnieuw een debuutalbum van een Londense band met beestjes op de cover. Girl Ray is echter zowat het tegenovergestelde van Shame. Het drietal, bestaande uit Poppy Hankin, Iris McConnell en Sophie Moss maakt Lo-Fi indie die mij meteen deed denken aan de geweldige semi-psychedelische Welshe band Gorky’s Zygotic Mynci. Hankin heeft een stem die je meteen weet te vangen (of net niet) en de muziek is doorgaans vrolijke en dromerig. Met hun tweede album Girl koos het drietal voor een sound die meer aanleunde bij de pop, waar ze onder andere Ariana Grande  en Calvin Harris als grote voorbeelden noemden, maar met Earl Grey maakten ze een origineel en muzikaal rijk debuutalbum.

Hoogtepunten: Just Like That/  Stupid Things/ Preacher/ Earl Grey (Stuck in a Groove)

47. FFS – FFS (2015)

ffs

Het zat er naar eigen zeggen al meer dan een decennium aan te komen, maar toch kwam de samenwerking tussen de Schotse band Franz Ferdinand en de Amerikanen van Sparks als een verrassing. Op het eerste gehoor heeft Sparks meer in de samenwerking gekregen dan Franz Ferdinand, al is de samenzang tussen Russell Mael en Alex Kapranos zo harmonieus dat het lijkt alsof ze nooit anders geweten hebben. De teksten zijn spitsvondig en de muziek eclectisch. Hoogtepunten zijn opener Johnny Delusional, het opzwepende Police Encounters en vooral het epische Collaborations don’t work, de Bohemian Rhapsody van mensen die zelfspot tot kunst verheffen. Naar eigen zeggen zou deze samenwerking meer zijn dan een eenmalig hobby-project. Dat is voorlopig nog niet het geval. Maar het was in ieder geval voor beide bands een deugddoende en vooral amusante herbronning geweest te zijn.

Hoogtepunten: Johnny Delusional/ Police Encounters Collaborations Don’t Work/ Piss Off

46. Elbow – The Take Off and Landing of Everything (2014)

Elbow - The Take Off And Landing Of Everything - Amazon.com Music

Na jaren zorgvuldig gewerkt te hebben aan een eigen sound, schreef Elbow met The Seldom Seen Kid een breed gesmaakt album. Op opvolger Build A Rocket Boys! ging de band misschien iets te veel naar de feel good. Die typische kenmerken, vooral geënt op de zeemzoete en warme stem van Guy Garvey, zijn ook op The Take Off and Landing of Everything aanwezig, alleen hebben de nummers hier meer weerhaken. Zeker op Fly Boy Blue/Lunette dat haast naar voorzichtige prog neigt of de warrige titeltrack. Uiteraard zijn er nog meezingers zoals New York Morning. Elbow blijft natuurlijk Elbow. Maar toch is dit zesde album een verzoening tussen de oudere sound en de toegankelijke klasse van The Seldom Seen Kid.

Hoogtepunten: Charge/ Fly Boy Blue-Lunette/ New York Morning/ The Take Off and Landing of Everything

45. Alt-J – This Is All Yours (2014)

alt-J - This Is All Yours - Amazon.com Music

Mensen die Alt-J in hun top 50 zouden zetten, zouden misschien vaker afkomen met debuutalbum An Awesome Wave. Ik heb echter opvolger This Is All Yours altijd beter weten te smaken. De albumcovers zeggen alles. Tegenover het blauwgrijze van het eerste album staat hier een kleurrijk pallet, een verschil dat ik ook in de muziek merk. De muziek is net dat tikkeltje grootser en er is her en der ook al eens een hoek af. De zang blijft op sommige momenten wel een minpuntje, iets wat zeker live nog eens extra hard opvalt, maar storen doet het nergens. Opener Intro (niet erg origineel) zet meteen de toon met een eclectische opeenvolging van delen en stijlen. De meeste nummers zijn fragmentarisch en hebben samples erin verwerkt. Soms is het ook rechttoe rechtaan, zoals op Left Hand Free, maar wanneer de band zich laat gaan, zoals op bv. Hunger of the Pine of The Gospel of John Hurt, dan krijg je magie.

Hoogtepunten: Intro/ Nara/ Hunger of the Pine/ The Gospel of John Hurt

44. Gorillaz – Plastic Beach (2010)

Plastic beach : Vinyle album en Gorillaz : tous les disques à la Fnac

Nog een serieus eclectische plaat. Gorillaz verzamelde voor hun derde album, en hun eerste in 5 jaar een uitgebreide en diverse cast muzikanten. Van Snoop Dogg en Mos Def tot Mark E. Smith, Gruff Rhys en Lou Reed, maar even goed het Libanees symfonisch orkest. De muziek gaat dan ook alle kanten uit, maar op de best mogelijke manier. Soms is het hiphop, al dan niet met een Oriëntaalse toets, soms is het rock of psychedelische elektro. Af en toe neemt bezieler Damon Albarn zelf de vocals voor zich, maar vaker laat hij het over aan zijn gasten. Door de diversiteit in muziek is het misschien eerder te zien als een reis door het universum van Gorillaz en bij uitbreiding de wereld van Plastic Beach, een mozaïek van stijlen en perspectieven, dan echt een coherent geheel. Soms werkt dat niet, maar Plastic Beach is een muzikaal avontuur.

Hoogtepunten: Rhinestone Eyes/ Stylo/ On Melancholy Hill/ Broken

43. British Sea Power – Machineries of Joy (2013)

British Sea Power - Machineries Of Joy | Moustique.be

Machineries of Joy is een album dat op een speciale manier tot stand is gekomen. British Sea Power organiseerde 6 concertavonden waar ook telkens een EP aan gekoppeld werd. Zo hadden ze een poel van soms afgewerkte nummers, soms ruwe schetsen om uit te puren voor hun vijfde studioalbum. Tien van die nummers eindigden uiteindelijk op Machineries of Joy, waarbij enkelen onder hen in een nieuw jasje werden gestoken. British Sea Power is een van mijn favoriete bands en van hun drie albums uit de jaren 2010 is dit mijn favoriet. Het is evenwichtiger dan Valhalla Dancehall en unieker dan Let The Dancers Inherit the Party. Van de titeltrack, die ingetogen maar tegelijkertijd groots opent, tot afsluiter When a Warm Wind Blows Through the Grass, dreigend en hypnotiserend. Een collectie van warme, weemoedige en soms eigenzinnige nummers, met een sound die toch weer bijzonder British Sea Power is.

Hoogtepunten: Machineries of Joy/Loving Animals/Spring Has Sprung/When a Warm Wind Blows Through the Grass.

42. Eefje de Visser – Nachtlicht (2016)

Nachtlicht | Eefje de Visser

Na het geweldig mooie Het Is koos De Visser op haar derde album voor meer input van haar band en meer synthesizer, een heden ten dage muzikaal schijnbaar onvermijdelijke zet. Gelukkig weet ze dit alles goed te balanceren, en dient de elektronica als ondersteuning voor de sfeer die de nummers proberen op te wekken. De sterkte van De Visser blijft echter vooral liggen in haar teksten en de bijzondere manier waarop ze de woorden in haar nummers verwerkt, niet rechtlijnig maar met bewuste horten en stoten, een stroom van gedachten begeleid door warme, melancholische klanken.  Ondanks het feit dat de extra ruimte voor de band niet stoort, zijn het toch vooral de ingetogen nummers,  die de eigenheid van de Nederlandse artieste tonen. En vanwege die eigenheid verdient De Visser haar plaatsje in deze eindlijst.

Hoogtepunten: Scheef/ Mee/ Staan/ Luister

41. Lana Del Rey – Honeymoon (2015)

Lana Del Rey - Honeymoon [Explicit] - Amazon.com Music

Eerst was er de hype rond Video Games, maar al snel werd Del Rey gerelativeerd. Haar debuutalbum Born to Die werd opgevolgd door het in reverb doordrenkte gitaren Ultraviolence, in productie van Dan Auerbach (Black Keys). Op Honeymoon grijpt ze eerder terug naar het geluid van haar debuutalbum, maar schakelt ze een tempo lager, met opnieuw duidelijke referenties naar de popmuziek van de jaren ’50 en ’60. Het album zit vol met melancholische strijkers, ijl gezang en uitbarsting van pathos en dramatiek. De zangeres vindt een mooie balans tussen het oude en het hedendaagse, zoals op Music to watch boys to of High by the beach. Hoogtepunten zijn Honeymoon en het filmische Salvatore. Honeymoon was een nieuwe stap in de zoektocht naar balans en zette Del Rey verder op de kaart als een unieke en intrigerende artiest.

Hoogtepunten: Honeymoon/ Terrence Loves You/ Salvatore/ Don’t Let Me Be Misunderstood

 

Geplaatst in Album top 10, muziek | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Halle en zijn koloniale standbeelden

Er is al heel wat te doen geweest over de standbeelden van Leopold II, zowel algemeen in de media als in Halle in het bijzonder. Hier werd het standbeeld van Leopold II bijvoorbeeld van zijn sokkel getrokken, door wie of door wat is nog niet duidelijk. Er zijn daar inmiddels al heel wat interessante opiniestukken over gepasseerd. Ik licht graag het opiniestuk “Standbeelden zijn geen goede geschiedenisleraren” van collega-alumnus Kristof Smeyers in Knack uit.

Mijn mening is de voorbije maanden en weken veranderd. In een ouder opiniestuk hing ik nog eerder de optie van het historische duidingsbordje aan, vanuit de redenering dat je zo het standbeeld in een historische context plaats. Maar met voortschrijdend inzicht moet ik nu toegeven dat zo’n bordje in feite niets of onvoldoende wijzigt aan het oorspronkelijke opzet van een standbeeld, de verheerlijking. En dat vanuit die context het ook niet meer dan normaal is dat het voor mensen uit de Congolese gemeenschap onvoldoende is om gewoon een bordje te plaatsen.

Halle koloniaal?/!

DSC01550

Maar Halle dus. Waar mij de voorbije weken ook wat is opgevallen. Het gaat bijna exclusief over Leopold II. Voor een leek lijk dat normaal. Maar in het Albertpark staat recht tegenover Leopold nog een standbeeld, dat van Baron Jacques de Dixmude. Voor een uitgebreide biografie over de man verwijs ik graag door naar de website van de Stad Halle, die al historische duiding gaf naar aanleiding van de discussie rond de Baron Jacquesstraat.

Maar kort samengevat was Jacques veel meer rechtstreeks betrokken in zowel de kolonisatie van Congo als in de rubberwinning. Hij kwam in het vizier door een opdracht die hij al dan niet zou gegeven hebben om gewelddadige represailles te laten uitvoeren. Het staat wel vast dat hij in het Lac Leopoldgebied systematisch geweld en uitbuiting gebruikte om zijn doelstellingen te halen. Geen fijn figuur dus en met een grotere directe rol dan Leopold II, die weliswaar als grote instigator een grotere symboliek kent.

Die Baron Jacques heeft dus recht tegenover Leopold II een racistisch standbeeld dat zelfs geen moeite doet om enige nuance aan de dag te leggen. Het is een kolom waarin een Congolees opkijkt naar de beeltenis van Jacques en waar deze bedankt wordt voor zijn pionierswerk in Kongo Vrijstaat. Desondanks wordt dit standbeeld in de discussies amper bediscussieerd en schijnbaar zelfs niet geviseerd. Ook niet in petities, manifestaties of beschadigingen.

Dekoloniseer Halle?/!

DSC01560

Wat moet een mens (of een stad) dus doen met Leopold II en aanverwanten? Tot voor kort had ik dus gezegd, pas dat plaatje aan dat nu wat vrijblijvend bedenkingen uit bij onze voormalige monarch. Hoewel ook mag gezegd worden dat Halle de eerste plek was om zo’n duidingsbordje te hangen bij een standbeeld en daarbij expliciet aan te geven dat er inderdaad een keerzijde aan de persoon en zijn standbeeld was.

Nu het van zijn sokkel is gevallen zou simpelweg kunnen gezegd worden om het gewoon zo te laten. Er kwam bijvoorbeeld aan een voorstel om het in stadsmuseum den AST te zetten, zodat leerlingen in een museumcontext de begeleidende tekst kunnen zien en horen, wat al neutraler is dan in de publieke ruimte.

Dekoloniseer Halle, een beweging in Halle die zich inzet voor de dekolonisatie had bijvoorbeeld ook enkele ideeën. Bijvoorbeeld het laten overwoekeren van het standbeeld door klimop. Dat trekt misschien ruimer aandacht, en mits een nieuw begeleidend bordje, waarin je zegt dat er vroeger een standbeeld van Leopold II zichtbaar was inclusief ondubbelzinnige historische duiding, kan je op een creatieve manier ook weer aandacht genereren.

Dan rest ons nog de kolom met Jacques. Hoewel op dit moment minder een hot issue is het vanuit de huidige discussie wel relevant(er). Misschien is het een idee om vanuit de Congolese gemeenschap in België een (net al te abstract) kunstproject te lanceren waarbij er bijvoorbeeld iets wordt bijgebouwd, waardoor bepaalde problematische teksten verdwijnen, en het monument door middel van een hedendaagse toets omgekeerd wordt van ereteken voor Baron Jacques naar een gedenkmemorial voor de slachtoffers van het bewind in Congo Vrijstaat.

Natuurlijk mag dat allemaal niet het enige zijn. Koppel dat aan een duidelijk luik over kolonisatie binnen het onderwijs en in een museale context, maar vergroot even goed de aanwezigheid van een publiek debat, lokaal en bovenlokaal, op basis van de feiten. Op dat vlak kan ik “Koloniaal Congo: Een geschiedenis in vragen” aanraden. Daarnaast is kan bijvoorbeeld ook onze openbare omroep verder een rol spelen door dat stuk van het verleden onder de aandacht te brengen.

Het lijkt er in ieder geval op dat men in Halle denkt aan een participatief traject rond de toekomst van Leopold II (en hopelijk ruimer), om het zo te gebruiken om in de publieke ruimte en door middel van een publiek debat niet enkel een plaats maar ook een gedragenheid te geven.

Geplaatst in Geschiedenis | Tags: , , , , , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Patriottisme? Gemeenschapsgevoel!

Er is weer wat te doen rond een opiniestuk, ditmaal eentje van Assita Kanko. Daar zingt ze de lof van Vlaanderen en koppelt ze patriottisme aan een hele resem zaken. Dat gaat van het eten van mattentaarten (njam), tot kijken naar de garnaalvissers van Oostende (beetje raar) en van supporteren voor Eddy Merckx (uhm) en verdwalen in Brugge (gaat het nu over die Letse vrachtwagenchauffeur?) tot het kennen van volksfilosoof Urbanus. Het ambitieniveau schippert wat.

Maar het is dan ook eigen aan dit soort van opsommingen dat je reductionistisch te werk gaat. Wanneer je een identiteit, in casu, de Vlaamse, wilt koppelen aan figuren, werken, plaatsen en gebruiken, dan loop je het risico dat het enerzijds nogal provincialistisch overkomt en anderzijds dat je misschien zelf moet toegeven dat je identiteit kosmopolitischer of meerdimensionaler is dan je zelf wilt toegeven. De Vlaamse geschiedenis is voor een groot stuk ook de Belgische, of geen een van de twee, en als je gebruiken en gerechten claimt, zoals balletjes in tomatensaus, dan kom je er al snel op uit dat dit helemaal niet zo eigen of uniek is.

Wat mij vooral stoort aan het opiniestuk is de koppeling aan het woord patriottisme, vaderlandsliefde. Natuurlijk is dat het hele punt dat Kanko wilt maken. Identiteit en patriottisme zijn vieze woorden! We mogen niet meer trots zijn op onze identiteit en ons verleden! Dat is natuurlijk zever. Zelfs in een discussie rond standbeelden gaat het er vooral om om het verleden te kaderen. Visies en tradities komen en gaan en evolueren. Ook dat is deel van een identiteit. Alles is gedrenkt in het verleden en wordt gevormd en hervormd door het heden en de toekomst. Ik vermoed dat het gevoel dat men met de grove borstel door het verleden gaat even eigen is aan de menselijke geschiedenis als pakweg oorlog. Om de zoveel tijd gaat de pendel wel die richting uit.

Maar patriottisme is als woord en als begrip heel reductionistisch en zwaarwichtig, zeker als je een inclusieve Vlaamse identiteit meent te willen. De nieuwe huisideoloog van N-VA probeerde die inclusiviteit meteen in de praktijk te brengen door voor te stellen om i.p.v. standbeelden af te breken er op te richten voor mensen die overleden zijn in Congo tijdens hun ‘beschavingswerk’. Qua uitgestoken hand kan dat tellen. (kuch)

Anders dan sommige (of misschien heel wat) van mijn lezers wens ik zelf de Vlaamse identiteit niet te ontkennen, noch te problematiseren. Ik wens dat wel te doen met de Vlaamse checklist, zeker als er potsierlijke dingen opstaan. Je ridiculiseert in de fond je eigen gemeenschapsvorming en maakt tegenstanders het zo wel heel makkelijk om je discours, zeker als je het koppelt aan zoiets zwaarwichtig als patriottisme, neer te halen. Al zal Kanko wel het gevoel hebben dat ze structureel heeft bijgedragen aan het debat.

Ik ben dan ook geen fan van een patriottistische checklist en, ik val in herhaling, zie de Vlaamse (of verbindende) identiteit eerder als een concreet iets binnen een concrete gemeenschap. Wie dat Vlaamse echt inclusief en positief wilt, die moet niet afkomen met bestofte romanciers of wielerwedstrijden, maar viert de gemeenschapsvorming van elke dag, op het lokale niveau.

Het is daar waar mensen zich concreet en volgens eigen vermogen inzetten voor de gemeenschap. Of het nu door middel van een politiek of maatschappelijk engagement is, het verenigingsleven, of  het proper houden van je buurt en zorgen voor je buren. Op het lokale niveau maken, vormen en (her)werken mensen aan een echte (Vlaamse) gemeenschap en daar kan iedereen aan bijdragen, los van een van bovenaf opgedrongen lijstje van do’s en don’ts.

Maakt het uit dat je Urbanus niet kent als je uren en dagen steekt in de organisatie van een evenement of dat je nog nooit hebt gehuild bij het zien van garnaalvissers wanneer je tijdens de Coronapiek mee voor je buren hebt gezorgd? Of misschien iets polemischer, moet je de kerststal zetten en mee pintjes drinken als je mee zorgt dat je lokale sportclub draait of maakt het uit wat je draagt of niet draagt als je je in een koor of knutselgroep engageert. Als we dan toch op zoek zijn naar een gedeelde identiteit, dan kom ik uit bij de lokale gemeenschap.

En, zo wil de ironie, is het vaak het lokale dat de fall out van dit soort opiniestukken en discussies moet opkuisen. Van bovenaf wordt geschermd met grote begrippen, checklists en canons, semantische en symbooldiscussies over wie wat moet opgeven om erbij te horen. Of wie er tout court niet kan bijhoren en dat nooit zal kunnen, op basis van vage grenzen. Lokaal wordt er hard gewerkt om buren te verzoenen, de sociale cohesie te bevorderen, nieuwkomers zo snel mogelijk mee in het lokale weefsel krijgen. Daar ligt de kern van een mogelijke en (h)echte Vlaamse gemeenschap, eerder dan in abstracte symbolen en concepten die al even zweverig zijn als het progressief kosmopolitisme waartegen wordt gefulmineerd.

En het is echt inclusief. Maar misschien is dat, als je een natie wilt vormen gestoeld op een bepaalde leest, eigenlijk niet echt je intentie. Als je symbolen en handelingen nodig acht om goodwill te testen. Voor mij telt wat je doet voor je (Vlaamse) gemeenschap dan meer dan wat je wel of niet eet, leest of kent. Dus wat mij betreft mag patriottisme terug in de bestofte ladekast en kunnen we in Vlaanderen beter inzetten op gemeenschapsgevoel. En zo zijn we eerder fier op wat we in de praktijk doen, dan wat we in theorie (zouden moeten) zijn

 

 

 

Geplaatst in Hersenspinsels, Of mice and men, Over cultuur en maatschappij | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , , | 3 reacties

Favoriete series top 5

Het moet niet altijd geschiedenis zijn (hoewel ik de geschiedenis ook hier niet helemaal loslaat). Twitteraar Saïd Bataray organiseert een series top. Je kan zelf deelnemen en je top 5 inzenden via dit formulier:

https://forms.office.com/Pages/ResponsePage.aspx?id=FzwbOJF6n0WURK8rct3vM1xVDna0G3ZFqtgH9KDnHPJUM0xESVNBOEsyWFk2Qjg5QjNSNDNVWDlWVC4u

Ik geef graag mijn top 5, met een kleine motivatie.

5. Mad Men (2007-2015)

10 years ago, Mad Men began a story of men who tried to change ...

Ik ben duidelijk laat, want ik heb deze serie pas recent ontdekt. Maar beter laat dan nooit, want Mad Men heeft heel wat te bieden. Gedurende 7 seizoenen volgt het het reilen en zeilen van een advertentiekantoor (en latere reïncarnaties) in New York en dan vooral de flamboyante maar zelfdestructieve Don Draper, een briljante advertiser met een hele hoop issues. De personages zijn meerlagig, het script zit goed in mekaar en je krijgt een mooi overzicht over het New York en de VS van de jaren ’60. De grote politieke en maatschappelijke veranderingen doen beetje bij beetje ook hun intrede bij Sterling-Cooper etc.

4. Blackadder (1983-1989)

A bayonet to the heart: the true history of Blackadder's ...

Ook een beetje aandacht voor humor. Blackadder biedt gedurende 4 seizoenen en 4 tijdperken vernuftige humor, waarbij het hoofdpersonage steeds intelligenter wordt en zijn omgeving schijnbaar dwazer. De eerste reeks focust op de middeleeuwen, de tweede op de Elizabethan Era, in de derde moet Edmund Blackadder leren omgaan met de fratsen van Prince George (de latere George IV) en in het laatste seizoen wordt wereldoorlog I getackled. Het zorgt voor veel hilarische scènes, met memorabele quotes en woordspelingen, en 1 beklijvende, de slotscène van Blackadder Goes Forth. De crème van de Britse humor.

3. Carnivàle (2003-2005)

You should be watching: Carnivàle

Een eeuwig verhaal van de strijd tussen goed en kwaad gedrenkt in een hele resem symboliek en met als spectaculaire en unieke setting de Dust Bowl tijdens de Grote Depressie van de jaren ’30. Het verhaal volgt een rondtrekkend kermisgezelschap, met heel wat zogenaamde “freaks” in de aanbieding. Zij trekken rond in een desolaat en zondig Amerika en komen mee terecht in een grote strijd wanneer de op het eerste zicht weinig opzienbarende Ben Hawkins bij hen aansluit. Die blijkt al snel over een speciale gave te beschikken. Alles bouwt op naar een confrontatie met brother Justin, een priester en wolf in schaapsvacht die een hele resem volgelingen verzamelt en zijn eigen moderne tempel bouwt. Werd helaas na twee seizoenen stopgezet, wat nog steeds een gapend gat achterlaat in mijn hart.

2. The Prisoner (1967-1968)

The Prisoner is 50 years old and has been never more relatable ...

Een cultserie uit de jaren ’60 die, voor de moderne toeschouwer, akelig herkenbaar oogt. Het volgt het verhaal van een man die de geheime dienst verlaat en vervolgens tegen wil en dank terechtkomt in The Village, een kleurrijk dorp waar het op het eerste gezicht aangenaam vertoeven lijkt. Maar al snel blijkt dat Number Six, het nummer dat hij toebedeeld krijgt, een gevangene is van een systeem vol manipulatie, technologische surveillance en pogingen om hem en zijn individualiteit te beknotten. In 17 afleveringen probeert Number Six tegen The Village en het systeem te strijden. Hoewel de serie al meer dan 50 jaar oud is, is er heel wat uit te halen over hedendaagse discussie. De serie werd geschreven door Patrick McGoohan, die ook de hoofdrol in de reeks voor zich neemt.

1. Twin Peaks (1990-2017)

35 Years of David Lynch: TWIN PEAKS: ONE AND THE SAME

Lange tijd was Twin Peaks een reeks aan het begin van de jaren ’90 die een grote invloed zou hebben op toekomstige series. Alles draaide rond de moord op Laura Palmer in het gelijknamige stadje, wat een hele vertakking oplevert, van drugsdeal, tot misbruik en een vreemdsoortige parallelle wereld genaamd de Black Lodge. Half soap opera, half koortsdroom doorbrak het de barrières van wat een serie kon en mocht zijn. Dit werk van David Lynch & Mark Frost kreeg met The Return ook nog onverwacht een terugkeer. Ditmaal was de luchtige toon van het origineel eerder afwezig en werden de surreële en Lynchiaanse elementen versterkt.

Geplaatst in Hersenspinsels | 1 reactie

Een politicus van vlees en bloed

Wat een hetze rond de praktijktesten. En dan heb ik het niet eens over de inhoudelijke discussie, maar wel over de stemming. Vorige week al werden diverse resoluties weggestemd om anderen goed te laten keuren. Dan was er de hele discussie over het woord en de interpretatie, waarbij er zelfs een regeringscrisis was omdat de ene minister in zijn ego was gekrenkt dat de andere minister een woordje gebruikte. Hier maakte de Vlaamse politiek al een goede beurt.

Maar dat kreeg gisteren (en krijgt) vandaag dus een vervolg. Open VLD-politica Sihame El Kaouakibi, die van de strijd tegen racisme en discriminatie een echt persoonlijk strijdpunt heeft gemaakt, onthield zich eerst op een resolutie van de meerderheid, die vlotjes passeerde, en stemde mee met een resolutie van de linkse oppositie, die niet werd weerhouden. Logisch. Het ene was van de (ruime!) meerderheid, het ander niet. Je zou dan denken dat het daarmee opgelost is.

Dan lees ik vanochtend in een artikel van De Standaard volgende reactie van de fractieleiders van de twee coalitiepartners van Open VLD:

‘Dit is not done’, reageert Wilfried Vandaele, fractieleider van N-VA, volgens Belga. ‘In een meerderheid stem je wat afgesproken is. Dat is de bluts met de buil. Vandaag haal jij je slag thuis, morgen iemand anders.’ Vandaele vergelijkt het met een gezin. ‘Je kan je standpunt met verve verdedigen, maar op een bepaald moment moet je je wel conformeren. Anders werkt het parlement (Bwa) en zelfs de samenleving (Uhm, overdrijf je nu niet een heel klein beetje?) niet meer.’

CD&V heeft het over een deloyale houding. ‘We stellen vast dat Bart Somers haar niet heeft kunnen overtuigen’, zegt fractieleider Peter Van Rompuy. ‘We zullen dit de komende dagen in de meerderheid bespreken.’ N-VA en CD&V vinden wel dat Open VLD de kwestie in eerste instantie intern moet trachten op te lossen. (Of anders? Publieke excuses uiten? El Kaouakibi weren? Nog eens een regeringscrisisje?)

Wat een degoutante en kleinzielige reacties. Een parlementslid heeft volgens eigen principes gestemd en het hek is van de dam. Terwijl de politiek in zijn geheel en de politici en partijen in het bijzonder net baat hebben bij individuele parlementsleden die afwijken. Het zijn allemaal individuen met verschillende meningen en verschillende breekpunten, die zich rond een gezamenlijke visie en gezamenlijk programma hebben verenigd in een partij.

Ja, we leven in een consensusdemocratie, maar de consensus van de meerderheid wordt niet geschaad door 1 afwijkende stem. De meerderheid werd niet gebroken. Het enige dat gebroken werd is de verstikkende, onlogische en onwenselijke partijdiscipline. Want partijen zijn een noodzakelijk kwaad in de politiek, geen doel op zich. In een comfortabele meerderheid zouden fractieleiders probleemloos moeten toestaan dat mensen wanneer ze zich ergens niet goed bij voelen kunnen onthouden of tegenstemmen. Dan krijgt de kiezer het gevoel dat ze wel degelijk stemmen op individuen in plaats van op mensen die instructies volgen over welk knopje ze moeten induwen.

Dit is niet per se een pleidooi voor het systeem dat je vooral in de VS ziet, waarbij de macht van de individuele volksvertegenwoordiger zo groot is dat er binnen een partij continu moet worden onderhandeld. Maar in feite is dat vanuit een democratisch oogpunt, indien de onderhandelingen niet zuiver verlopen vanuit eigenbelang maar wel vanuit visie en overtuiging, zuiverder. Maar dat zou inderdaad in ons systeem niet zo werkbaar zijn. Maar toch. Het feit dat meerderheid en media hier zo op inzoomen zegt veel. Ons systeem en onze partijen zijn duidelijk rigide instituten.

Daarom in eerste instantie een luid (virtueel) applaus voor Sihame El Kaouakibi, een politica die een belofte heeft gedaan en met weinig écht gevolg zich aan die belofte, en aan het principe, heeft proberen te houden en daar nu al een week voor in het vizier ligt. En in tweede instantie een hernieuwde oproep aan partijen om na te denken hoe het stabiel uitvoeren van een programma en een regeringsakkoord kan verzoend worden met de ruimte voor individuele parlements- en partijleden om dat ook te zijn. En aan de media, om niet elk intern meningsverschil meteen te problematiseren. Mensen hebben meer aan mensen van vlees en bloed om hen te vertegenwoordigen.

Oh, en verder ben ik van mening dat de lijststem moet vernietigd worden.

Geplaatst in Politiek | Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , | 1 reactie